Toekomstige missies

meer over lezen

 

Voor een echte, actieve Maanbasis moeten we nieuwe raketten en landingstoestellen ontwikkelen. Deze technologie zal heel nuttig zijn voor de volgende stap in de ruimte: naar de planeet Mars. Al vanaf het begin van het ruimtetijdperk zijn wetenschappers en ingenieurs gefascineerd door Mars. De eerste landingen op Mars van de Marssondes, in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw waren op zichzelf grote prestaties, maar brachten teleurstellend nieuws voor diegenen die hoopten dat er leven mogelijk was op de buurplaneet van de Aarde. Mars is een heel koude plaats: nooit warmer dan 15 graden Celsius, zelfs bij midzomer met de zon op haar hoogtepunt, en in de winter dalen de nachttemperaturen tot ongeveer -130°C. De atmosfeer bestaat uit bijna 95% koolstofdioxide, en is veel te ijl om zelfs het oppervlak maar te beschermen tegen de ultraviolette straling van de Zon.

Marslandschap

Maar

De ExoMars-rover gaat het oppervlak van Mars verkennen

latere sondes brachten beter nieuws. Ruimtefoto’s – de hele planeet werd vanuit een omloopbaan in kaart gebracht – suggereren dat er ooit water stroomde over het dorre oppervlak van Mars. Mars is duidelijk ooit warmer geweest. Ook al is er nu kennelijk geen leven op deze planeet, het kàn er vroeger geweest zijn. Er zijn al mogelijke fossiele bacteriën gevonden in een meteoriet afkomstig van Mars: er zijn er wellicht nog veel meer op Mars zelf. En niet alleen fossielen: er kunnen nog restanten zijn van het verloren gegane water van de planeet, verborgen onder het oppervlak van Mars. Als dat het geval is, bestaat er een grote kans dat het leven op Mars met het water mee ondergronds is verhuisd: er zijn in ieder geval bacteriën op aarde die goed in dergelijke omstandigheden kunnen leven.

De zoektocht naar buitenaards leven is één van de grootste redenen voor verdere verkenningstochten. Leven buiten de aarde zou wel eens de meest ophefmakende wetenschappelijke ontdekking ooit kunnen zijn. Het bestaat wellicht wel, ergens: uiteindelijk is het Universum heel groot. Er zijn minstens 100 miljard sterren in onze eigen Melkweg, en misschien nog evenveel melkwegen verspreid over de hele ruimte. Tot voor kort waren astrobiologen (wetenschappers die de mogelijkheid van buitenaards leven bestuderen) echter niet optimistisch over leven in ons eigen Zonnestelsel – buiten de aarde dan. Maar in de voorbije jaren hebben nieuwe ontdekkingen, zowel op aarde als in de ruimte, de zaken drastisch veranderd.