Het ISS moet in zijn baan worden gebracht met behulp van een raket. Om zijn baan te bereiken en te behouden heeft het ISS
een zekere snelheid nodig.
De snelheid die nodig is om in een baan rond de Aarde te blijven, hangt af van de afstand tot de Aarde. Indien de snelheid
te traag is zal het ruimtevaartuig terug naar de Aarde vallen. Indien de snelheid te hoog is zal het ruimtevaartuig de ruimte
“ingeschoten” worden.
Om snelheid te krijgen moet je een kracht aanwenden die het ruimtevaartuig doet versnellen. Indien de aangewende kracht niet
sterk genoeg is, zal de kracht van de Aarde (zwaartekracht) het ruimtevaartuig op Aarde doen landen. Indien de kracht te groot is, zal de zwaartekracht van de Aarde niet sterk genoeg
zijn om het ruimtevaartuig in zijn baan te houden.